Volgens pater Marcel
Inleiding
Tussen 1844 en 1905 leefde in Engeland een door God bijzonder bevoorrechte vrouw: Teresa Helena Higginson, een eenvoudige onderwijzeres. Wanneer iemand door God wordt uitgekozen, ontvangt hij of zij ook een bijzondere roeping. Zo werd Teresa door de Zaligmaker geroepen om aan de wereld Zijn verlangen bekend te maken: dat Zijn Heilig Hoofd zou worden vereerd als zetel van Zijn goddelijke Wijsheid.
Tot aan haar dood liet Christus haar dit verlangen steeds opnieuw ervaren. Onophoudelijk herinnerde Hij haar eraan dat deze wens vervuld moest worden. Teresa heeft haar opdracht trouw volbracht: zij maakte deze devotie bekend. De verdere verspreiding ervan is nu aan anderen toevertrouwd.
Leven en achtergrond
Teresa werd geboren op 1 mei 1844 (sommige bronnen vermelden 27 mei) en stierf in 1905, na een heilig en toegewijd leven van 61 jaar.
Haar vader, een van de weinige standvastige katholieke families in het Engeland van die tijd, was havenmeester in Gainsborough (graafschap Lincoln) en leefde aanvankelijk in welstand. Door mislukte investeringen in de katoenhandel ging hij echter failliet. Het gezin telde acht kinderen, waarvan Teresa de derde was, en allen moesten bijdragen aan het gezinsinkomen.
Haar moeder, van protestantse afkomst, was een vurige bekeerlinge tot het katholieke geloof. De kinderen werden streng en diep religieus opgevoed. Het gezin beschikte zelfs over een huiskapel, waar regelmatig priesters kwamen, wat het geloofsleven sterk vormde.
Na het financiële verval van het gezin werkte Teresa eerst in een stoffenwinkel in Liverpool. Later vond zij haar ware roeping als onderwijzeres. Vanaf dat moment wijdde zij haar leven aan het onderwijs van arme kinderen en aan liefdadige zorg voor arbeiders en noodlijdenden, vooral in de industriesteden Liverpool, Manchester en Edinburgh.
Innerlijk leven en mystieke gaven
Haar innerlijk leven was één onafgebroken gebed. Teresa groeide uit tot een zeldzame geestelijke rijpheid en heiligheid. Haar buitengewone deugdzaamheid en strenge versterving werden, zo wordt getuigd, beloond met bijzondere genaden: zij ontving de lijdenswonden van Christus, kreeg talrijke openbaringen en werd soms begiftigd met profetische inzichten en wondertekenen.
Toch lag haar belangrijkste zending in de openbaring van een nieuwe, door God gewilde devotie: de verering van het Heilig Hoofd van Christus als zetel van de goddelijke Wijsheid. In een wereld die steeds meer wordt geleid door menselijke, vaak egoïstische wijsheid en daardoor vervreemdt van God, zag zij hierin een geneesmiddel: terugkeer tot de ene, ware en eeuwige Wijsheid die van God komt.
Persoonlijkheid en dagelijks leven
Uiterlijk was Teresa een kleine, tengere vrouw met een vriendelijk gezicht en scherpe, donkere ogen. Zij was levendig, opgewekt en wist zowel kinderen als volwassenen voor zich te winnen. Haar leven was allesbehalve somber. Ondanks zware lijdenservaringen en voortdurende geestelijke beproevingen bleef zij vreugdevol, dienstbaar en evenwichtig. Nooit werd zij door artsen als hysterisch beschouwd.
Een groot deel van haar loon besteedde zij aan kleding, voedsel, religieuze voorwerpen en boeken voor armen en noodlijdenden. Voor zichzelf had zij nauwelijks iets nodig. Volgens getuigen was de Heilige Communie vaak haar voornaamste voedsel. Zij had zich geleidelijk een uiterst sobere levenswijze eigen gemaakt, uit liefde tot Christus.
Tegelijk was zij warm, zorgzaam en vrolijk in omgang. Zij kookte voor haar huisgenoten, danste om hen op te vrolijken en had zelfs eenvoudige vreugden. Zo schreef zij kinderlijk enthousiast aan haar biechtvader over een boottocht-attractie in Liverpool, die zij hem van harte aanbeval.
Laatste levensjaren en dood
Op 43-jarige leeftijd verliet Teresa, op advies van haar geestelijk leidsman en vanwege haar zwakke gezondheid, het onderwijs. Zij vond voor zestien jaar onderdak in het Sint-Catharinaklooster te Edinburgh, waar zij in grotere stilte haar mystieke leven voortzette.
Rond haar zestigste voelde zij zich opnieuw gesterkt en keerde zij terug naar het onderwijs, ditmaal in het afgelegen Devonshire, ver weg van familie en vertrouwde vrienden. Misschien voelde zij aan dat deze eenzaamheid haar laatste offer zou worden. Bij haar afscheid vroeg zij haar geestelijk begeleider of hij haar bij haar sterven wilde bijstaan.
Enkele maanden later stierf zij daar, vrijwel onverwacht. Over haar laatste lijdensdagen werd weinig bekend, maar volgens de verzorger die haar bijstond, waren zij zwaar en intens. Zij die haar leven lang zo innig verenigd was met de Gekruisigde, mocht Hem ook in haar sterven volgen.
Lees verder vanaf 2: www.teresahigginson.org
